3 september 2025
Samen tegen vallen - Woonzorgcentra pakken risicofactoren aan
Valpartijen in woonzorgcentra blijven een ernstig probleem. Twee op de drie bewoners valt minstens één keer per jaar. En de gevolgen? Die zijn vaak fysiek en psychosociaal ingrijpend: breuken, ziekenhuisopnames, de bezorgdheid om opnieuw te vallen, en ook sociale isolatie.
“De oorzaken van valpartijen zijn zelden eenduidig”, zegt professor Koen Milisen, hoogleraar ouderenzorg (KU Leuven) en voorzitter van het Expertisecentrum Val- en fractuurpreventie Vlaanderen (EVV). “Het gaat meestal om een combinatie van risicofactoren: een onveilige omgeving, slecht zicht, onaangepast schoeisel en verminderde spierkracht.”
Hoewel valpreventie steeds meer aandacht krijgt, blijft de implementatie ervan in de praktijk uitdagend. “Er bestaan richtlijnen,” stelt Milisen, “maar hoe vertaal je die naar het dagelijkse reilen en zeilen van een woonzorgcentrum? Dat is de uitdaging.”
Een leidraad en begeleiding op maat
Om de vertaalslag naar de praktijk mogelijk te maken, ontwikkelde het EVV een implementatieplan met zeven concrete stappen. Van het oprichten van een valpreventieteam, de analyse van het huidige beleid tot het uitvoeren en de evaluatie van acties om valpartijen te voorkomen: elke stap wordt ondersteund met praktische tools, afgestemd op de noden van het woonzorgcentrum. “Het implementatieplan is geen ‘vast recept’”, benadrukt Milisen. “Het is een flexibele leidraad die je toelaat om op maat van je woonzorgcentrum te werken.”
Maar een plan alleen volstaat niet. Daarom voorziet het project ‘Procesbegeleiding voor preventie binnen Zorg en Welzijn’ gerichte ondersteuning op de werkvloer. Een externe expert, de procesbegeleider, begeleidt het team doorheen het proces.
Goedele Belaen, stafmedewerker bij het EVV, licht toe: “Gedurende twee jaar kan een woonzorgcentrum rekenen op maximaal 65 contacturen met een procesbegeleider, volledig gefinancierd door de Vlaamse overheid. Intussen hebben al meer dan 85 woonzorgcentra zich ingeschreven voor het thema val- en fractuurpreventie.
Van intentie naar actie in WZC Zonnewende
Ook WZC Zonnewende in Kapellen (dat behoort tot de VZW Zorggroep Zusters van Berlaar) stapte enkele jaren geleden in het project. Ze blikken terug op een intensief, maar waardevol traject.
“De eerste stappen waren niet vanzelfsprekend”, vertelt Raf Vanhorebeek, kwaliteitscoördinator. “De impact van COVID-19 en andere interne uitdagingen maakten het moeilijk om vlot op te starten. Toch bleef het onze motivatie om valpartijen te verminderen door een systematische en gestructureerde opvolging van de risicofactoren.”
De ondersteuning van procesbegeleider Tinneke Claes maakte een duidelijk verschil. “Ze bracht een frisse, objectieve blik van buitenaf”, zegt Raf. “Ze hield het thema levendig, zorgde voor continuïteit en motiveerde ons om vol te houden, ook wanneer het intern wat moeilijker liep. Dankzij haar voegden we wetenschappelijk onderbouwde kennis en gerichte ondersteuning toe aan de dagelijkse werking van ons woonzorgcentrum.”
Van drinkyoghurt tot heen-en-weer-zakken
Eén van de eerste acties was het verfijnen van de registratie. “Elke val wordt nu systematisch vastgelegd. We leggen vast waar en waarom het gebeurde, hoe ernstig het was en wie het registreerde. Die data gebruiken we om gerichte acties te nemen en onze aanpak te evalueren.”
Die analyse bracht verrassende inzichten. Zo vonden de meeste valpartijen plaats op de kamer van de bewoner “Dat zette ons aan het denken”, zegt Raf. “We zijn daarom gestart met het testen van een valdetectiesysteem in twee voorzieningen.
Het valpreventieteam nam vervolgens elke risicofactor onder de loep. Wat konden ze concreet doen voor bewoners, collega’s, familie en externe partners?
Om spierverlies tegen te gaan, werd ingezet op voldoende beweging in combinatie met eiwitrijke voeding. “Eén van de projecten was om na een kinesessie een drinkyoghurt aan te bieden.” Daarnaast kwam er ook een folder met rolstoeloefeningen en voedingstips, bedoeld voor bewoners, familie en personeel.
Ook andere risicofactoren kregen doelgerichte aandacht. Voor slecht zicht werd samengewerkt met een mobiele opticien, die optiekdiensten aan huis aanbiedt. En versleten of onveilig schoeisel? Dat werd discreet bespreekbaar gemaakt bij familie.
“Stuk voor stuk kleine ingrepen, afgestemd op onze praktijk”, zegt Raf. “En we zoeken verder. Hoe kunnen we alle risicofactoren systematisch evalueren en bespreken met bewoners en familie? Om een echt verschil te maken, is er een gezamenlijke aanpak nodig.”
Samen tegen vallen
“De kracht van ons proces zit in de brede betrokkenheid”, zegt Raf. “Valpreventie is niet de taak van één persoon. Het vraagt een engagement van iedereen: van kinesitherapeuten, ergotherapeuten, verpleegkundigen, verzorgenden, onderhoudspersoneel, en begeleiders Wonen en Leven, tot bewoners en familie.
Toch blijft het zoeken naar structurele verankering. “Onze grootste uitdaging? Tijd en middelen. Nu de externe begeleiding is gestopt, moeten we haar zelf verderzetten. Gelukkig beschikken we over de juiste tools, maar het blijft een evenwichtsoefening.”
Trots overheerst. Raf: “Ons advies aan andere woonzorgcentra? Begin er niet alleen aan. Stel een multidisciplinair valpreventieteam samen, laat je begeleiden, en maak het tot een gedeelde verantwoordelijkheid. Het vraagt inspanning, maar het loont. Echt.”
>> Zelf aan de slag met gratis begeleiding? www.gezondleven.be/procesbegeleiding
Dit artikel kwam tot stand in samenwerking tussen WZC Zonnewende, het EVV en Weliswaar. Het verscheen in het Weliswaar-magazine (september 2025, p.16) en online via weliswaar.be.