Valproblematiek

Valincidenten zijn een vaak voorkomend probleem. Ongeveer één op drie van de thuiswonende ouderen valt één maal per jaar. Eén derde onder hen valt zelfs meerdere keren. Onder bewoners van een woonzorgcentrum zijn die cijfers nog hoger: ongeveer 50 tot 70% valt minstens 1 keer per jaar. Bij ouderen met dementie loopt het percentage vallers op tot 66%. Een valincident kan vervelende gevolgen met zich meebrengen zoals lichamelijke (bv. verstuikingen, snijwonden, fractuur), psychosociale (bv. valangst, verlies van zelfvertrouwen, depressie, sociaal isolement en grotere zorgafhankelijkheid) en economische (bv. hogere kost, opname woonzorgcentrum) gevolgen. Ouderen zijn zich nog te weinig bewust dat vallen een probleem is, en veeleer dat valincidenten te voorkomen zijn. Gedachten zoals “ik ben te oud geworden”, “er is niets meer aan te doen” of “vallen overkomt mij niet” belemmeren vaak dat ouderen iets aan hun valrisico laten doen. Het is als (toekomstige) professionele zorgverlener dan ook van essentieel belang om ouderen ervan bewust te maken dat vallen vaak voorkomt en nare gevolgen kan hebben, maar vooral dat men tijdig met preventie moet beginnen. Immers hoe ouder men wordt, hoe groter de kans om te vallen. En ook: hoe jonger men start met preventie, hoe lager de kans op valincidenten later. Er is hierbij dan ook een belangrijke taak weggelegd voor huidige en toekomstige professionele zorgverleners in het werkveld!