Focus Week van de Valpreventie

Het expertisecentrum beschrijft in haar praktijkrichtlijnen 'Valpreventie bij thuiswonende ouderen: Praktijkrichtlijn voor Vlaanderen' en ‘Valpreventie in Woonzorgcentra: Praktijkrichtlijn voor Vlaanderen’ op basis van de best beschikbare wetenschappelijke evidentie ter preventie van vallen, de belangrijkste valrisicofactoren:

 thuiswonende oudere  bewoner in woonzorgcentrum
  1. Evenwicht, spierkracht & mobiliteit
  2. Medicatie
  3. Duizeligheid (orthostatische hypotensie)
  4. Problemen met het zicht
  5. Problemen met voeten & schoeisel
  6. Risico’s in de omgeving en het gedrag
  7. Valangst
 
  1. Evenwicht, spierkracht & mobiliteit
  2. Medicatie
  3. Duizeligheid (orthostatische hypotensie)
  4. Problemen met het zicht
  5. Problemen met voeten & schoeisel
  6. Risico’s in de omgeving en het gedrag
  7. Urinaire incontinentie
  8. Valangst

Tijdens de Week van de Valpreventie wordt specifiek aandacht gegeven aan 1 of meerdere valrisicofactoren. 

In 2017 ligt de focus van de Week van de Valpreventie op actief bezig zijn en dit op een veilige manier. Dat wil zeggen, met aandacht voor de  verschillende valrisicofactoren zoals voeten en schoeisel, zicht, medicatie, duizeligheid, voeding of gedrag en veiligheid in huis. Tijdens deze 6deeditie van de Week van de Valpreventie willen we de krachten bundelen om de noodzakelijke informatie over bewegen en valrisico te verspreiden.

In 2012 werd specifiek de aandacht gevestigd op valpreventie in woonzorgcentra (gezien op dat moment de Vlaamse praktijkrichtlijn ontwikkeld was). Tijdens editie 2013 en 2014 zoomden we specifiek in op de valrisicofactor 'bewegen' (evenwicht, spierkracht & mobiliteit), waarbij de activiteitenpiramides mooi illustreren hoe ouderen actief kunnen blijven. Onze Vlaamse 'Dans je leven lang!' campagne, om zoveel mogelijk ouderen in beweging te krijgen / houden, was dan ook een groot succes! In 2015 en 2016 vestigden we al onze aandacht op de valrisicofactor 'medicatie'. Er is immers een duidelijk verband aangetoond tussen een verhoogd valrisico bij ouderen en het gebruik van psychofarmaca, zoals de benzodiazepines/Z-producten, antidepressiva en antipsychotica. Het verhoogde valrisico komt voort uit de mogelijke neveneffecten van deze medicatie, zoals sedatie, duizeligheid en orthostatische hypotensie.